site stats

Kennis en expertise over leren, opleiden en professionaliseren van docenten

Opleiden in de school

Samenvatting

Een opleidingstraject voor aankomende BVE-docenten. Vernieuwend in het traject is de intensieve samenwerking tussen ROC Zadkine Rotterdam (Zadkine academie) en de Hogeschool Rotterdam waarbij beiden inbreng hebben in de begeleiding van en het onderwijs aan BVE-docenten-in-opleiding.

Kern van het traject is het werkplekleren.

(Onderzoeks)opzet

Doelgroep
Deelnemers aan het opleidingstraject BVE-docent zijn HBO-ers die  praktijkervaring hebben in het beroep/vak dat zij doceren, maar geen bewijs van bekwaamheid als BVE-docent.

Doel
Het doel van dit opleidingstraject is te komen tot een verhoogde professionaliteit van de docenten op een zodanige wijze dat er sprake is van maatwerk en van leren op de werkplek onder begeleiding van een werkbegeleider.

Het opleidingstraject duurt 1 jaar en kent een studiebelasting van 300 uur. Eénmaal per 2 weken hebben de BVE-docenten-in-opleiding een bijeenkomst op de Hogeschool Rotterdam. Tijdens die bijeenkomst hebben zij contact met de studieloopbaancoach en worden er vakonderdelen aangeboden door docenten van de hogeschool en het ROC. Dagelijks worden de BVE-docenten-in-opleiding begeleid in de werkpraktijk door een werkbegeleider, waarbij onder andere opdrachten van de contactbijeenkomsten en aandachtspunten van de studieloopbaancoach besproken worden.

Het opleidingstraject omvat de volgende onderdelen:

  • Beginassessment
    Iedere BVE-docent-in-opleiding krijgt een assessment om geschiktheid, Eerder/Elders Verworven Competenties (EVC's), doorgroeipotenties en het te volgen opleidingstraject vast te stellen, waardoor onderwijs op maat geboden kan worden.
  • Werken op de werkplek.
    Het in de praktijk onder begeleiding van de werkbegeleider betekenisvol toepassen van pedagogisch-didactische vaardigheden, logopedie, klassenmanagement, lesvoorbereidingen en andere onderwerpen die in de bijeenkomsten op de Hogeschool Rotterdam zijn behandeld (flankerend leren). De BVE-docent-in-opleiding werkt in een afdelingsteam met groepen leerlingen.
  • Werken aan prestaties
    De BVE-docent-in-opleiding werkt op de werkplek aan prestaties die gekoppeld zijn aan het individuele opleidingstraject en dus aan de te behalen competenties. Het afdelingsteam moet baat hebben bij de uitkomst van de prestaties.
  • Flankerend leren
    Het flankerend leren bestaat uit het aanleren van vaardigheden, kennis en werkhouding op de werkplek. Daarnaast worden lessen verzorgd door diverse docenten van de Hogeschool en het ROC gericht op algemene kennis, vaardigheden en attitudes op pedagogisch-didactisch gebied die op basis van het assessment verworven moeten worden. Deze bijeenkomsten vinden gedurende een kalenderjaar eens om de veertien dagen plaats op de Hogeschool Rotterdam en duren van 18.00 tot 21.30 uur. De studieloopbaancoaches spelen een zeer belangrijke rol bij dit onderdeel.
  • Studieloopbaanbegeleiding
    De BVE-docent-in-opleiding reflecteert regelmatig met de werkbegeleider en de studieloopbaancoach van de Hogeschool op de uitvoering van de opleiding zodanig dat de verworven competenties in een portfolio aangetoond worden.
  • Eindassessment
    Het traject wordt afgesloten met een 'proeve van bekwaamheid': de BVE-docent-in-opleiding toont aan vakbekwaam te zijn aan de hand van een reflectiegesprek over het portfolio, een presentatie van projectmatig werken en een  lesuitvoering met voor -en nabespreking

 

  • Een prestatie is een individuele leeropdracht die vooral te maken heeft met het op de werkplek aanleren van pedagogisch-didactische vaardigheden. Voorbeeld: de BVE-docent-in-opleiding heeft als prestatie gekozen voor de vraag: 'hoe kan ik door middel van samenwerkend leren de competentie werken in een team, -die voor cursisten van de opleiding 'helpende in de zorg' heel belangrijk is- , verbeteren?' De BVE-docent-in-opleiding gaat aan de slag met de theorie over samenwerkend leren en verwerkt die in een of meer vakgerichte lesvoorbereidingen. Hij probeert de lessen uit en reflecteert op de resultaten. De resultaten kunnen daarna gepresenteerd worden aan andere leden van het afdelingsteam, zodat ook zij op deze manier aan de slag kunnen met de competentie werken in een team.
  • Projectmatig werken: het uitwerken in subgroepen van gegroepeerde leervragen die met     elkaar samenhangen, bijvoorbeeld het vergroten van metacognitieve vaardigheden.

Opbrengsten

 

Resultaten voor de docenten in opleiding

  • De docenten in opleiding geven aan dat zij een veel grotere bagage hebben voor wat betreft het pedagogisch didactisch handelen en het pedagogisch/ didactisch repertoire.
  • De docenten kunnen met veel meer werkvormen aan de slag en geven vaak aan dat ze nu veel meer rust in de klas hebben, terwijl ze er voor hun gevoel minder voor doen.
  • Vooral de opmerking: 'ik heb geleerd de cursist los te laten en dus niet alles voor hem/ haar te doen', komt regelmatig naar voren.
  • Veel werd er geleerd tijdens de bijeenkomsten op de Hogeschool door het uitwisselen van ervaringen met anderen.

Resultaten voor het ROC

  • ROC Zadkine Rotterdam beschikt na afloop van het traject over een groep enthousiaste bekwame BVE-docenten.
  • Docenten hebben behandelde theorieën en onderwerpen direct in praktijk gebracht en direct gerereflecteerd op de resultaten. Zij zagen ook direct het effect van bepaalde maatregelen/ handelingen. Positieve ervaringen bleven hierdoor beter hangen en worden nu standaard in de lessen toegepast.
  • Neveneffect van het opleiden op deze manier is dat personeel van verschillende locaties binnen Zadkine elkaar leert kennen en op de hoogte raakt van andere opleidingen binnen het eigen instituut.

Resultaten voor het ROC en de Hogeschool Rotterdam

  • De opleidingsinstituten hebben geleerd dat zo'n intensieve samenwerking alleen mogelijk is als er een open relatie is, waarbij beide instituten een volwaardige inbreng hebben in ontwikkelingen.
  • Daartoe is goede communicatie tussen het ROC en de Hogeschool van essentieel belang gebleken. Men heeft niet alleen elkaar, maar ook elkaars cultuur leren kennen.
  • De opleidingsinstituten hebben een vorm van samenwerking gevonden die tegemoet komt aan de eisen van de Hogeschool en het ROC en aan de wensen van de BVE-docenten-in-opleiding.

Randvoorwaarden

 

  • Een traject kan niet starten zonder goede projectleider. Omdat dit een traject is dat ontwikkeld wordt in een samenwerking tussen verschillende opleidingsinstituten, is het raadzaam om 2 projectleiders aan te stellen, die zeker in de opstartfase voldoende tijd beschikbaar hebben.
  • Bij de uitvoering van een opleidingstraject zijn veel verschillende personen betrokken. Informeer alle belanghebbenden over het traject.
    Alleen als alle betrokkenen achter het traject staan en duidelijk voor ogen hebben wat er van hen gevraagd wordt, kan het succesvol uitgevoerd worden.
  • Heldere communicatie en het verspreiden van de juiste informatie op de juiste tijd is van essentieel belang: voorzie alle betrokkenen van de benodigde informatie en zorg dat ze overzicht en inzicht hebben in het proces.
  • Zorg voor overeenstemming over elk onderdeel van het traject.  Ga uit van een gezamenlijke opleidingsvisie of kies voor de opleidingsvisie van één van de partners in het opleidingstraject.
  • Faciliteer alle betrokkenen voldoende in tijd, in het bijzonder de BVE-docenten-in-opleiding en de werkbegeleiders die immers al heel druk zijn in hun (nieuwe) werkkring.
  • Voorkom zoveel mogelijk wisseling van begeleiders/ docenten/ studieloopbaan-coaches.
  • De beginsituatie van de BVE-docenten-in-opleiding moet helder zijn. Dus bij aanvang van het opleidingstraject moeten de beginassessments afgerond zijn.

Het onderzoeksverslag

Samenvatting van het onderzoeksverslag

 

Copyright © 2008
Expertisecentrum Leren van Docenten
Postbus 905, 2300 AX Leiden